Goedendag Jamal, welkom bij je persoonlijke fiscale update voor 2026 en 2027! Vandaag duiken we samen in je cijfers en vertaal ik het wat technische 'Fiscale dossier' naar heldere, praktische inzichten. Zie dit als een kompas om de juiste fiscale keuzes te maken, want zoals je weet, liggen er voor jou belangrijke beslissingen op tafel. Denk aan je kapsalon Haarvisie Rijswijk, je deel in HV Wateringen, en natuurlijk je belangen in Dani Jay BV en Trend Brands BV.
De kern van dit verhaal? Je draait goed, Jamal, met een verwachte winst van zo'n 122.500 euro dit jaar. Dat betekent dat je stevig in de hoogste belastingschijf zit. Sommige fiscale voordeeltjes, zoals de zelfstandigenaftrek, worden steeds kleiner of vallen zelfs helemaal weg. Aan de andere kant zijn er nog steeds mooie kansen, met name op het gebied van investeringen – de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, of KIA, kan je dit kwartaal nog flink voordeel opleveren. En we kijken natuurlijk naar hoe je keuzes, bijvoorbeeld over je pensioen of de structuur van je bedrijven, fiscaal uitpakken. Het doel is om je de concrete handvatten te geven, zodat je samen met je adviseur de beste strategie kunt bepalen.
Voordat we de diepte ingaan, even dit: dit dossier is grondig gecheckt. Er is zelfs een onafhankelijke controle geweest, dus de cijfers en adviezen die ik je nu vertel, zijn extra betrouwbaar en geactualiseerd. Laten we meteen kijken naar jouw specifieke situatie, want die is de basis van alles.
Voor 2026 verwachten we voor jou een winst van 99.000 euro uit Haarvisie Rijswijk en 23.500 euro uit je VOF in Wateringen, wat je totale ondernemerswinst op 122.500 euro brengt. Belangrijk om te weten is dat je tot nu toe geen lijfrente hebt ingelegd, geen KIA benut in 2024 of 2025, je eenmanszaak een negatief eigen vermogen heeft, en je 40.000 euro hebt geleend van Dani Jay BV. Ook ligt er een plan om in het laatste kwartaal van 2026 nog 15.000 tot 25.000 euro te investeren in Rijswijk. Dat is waardevolle informatie.
Oké, laten we beginnen bij de basis: de belastingtarieven in Box 1. Jij valt met je inkomen ruimschoots in de derde schijf, die boven de 78.426 euro begint, met een tarief van 49,5 procent. Dat betekent dat bijna de helft van elke extra euro winst naar de belastingdienst gaat. Maar hier zit een belangrijk detail: de aftrekrem. Bepaalde aftrekposten, zoals de ondernemersaftrek en de MKB-winstvrijstelling, zijn voor jou in die hoge schijf effectief maar 37,56 procent waard, niet die 49,5 procent. Dat komt doordat er een 'bijtelling' is van ruim elf procent. Dit geldt trouwens ook voor bijvoorbeeld hypotheekrenteaftrek. Maar, en dit is cruciaal, gewone zakelijke kosten – denk aan huur, loon of reclame – vallen *niet* onder deze rem. Die zijn voor jou wél gewoon bijna 50 procent waard. Dat is een groot verschil, en het betekent dat kosten maken fiscaal aantrekkelijker kan zijn dan puur zoeken naar specifieke aftrekposten. De rem werkt trouwens niet over het hele bedrag als je inkomen onder een bepaalde grens zakt, wat bijvoorbeeld de lijfrente-aftrek in bepaalde situaties extra interessant maakt.
Dan de heffingskortingen. Van de algemene heffingskorting heb je, gezien je hoge verzamelinkomen, geen profijt meer; die is voor jou nul euro. De arbeidskorting is er nog wel, zo'n 1.760 euro voor jou. Maar let op: elke euro extra winst kost je tegelijkertijd ook 6,51 cent aan arbeidskorting. Dit telt allemaal mee in je uiteindelijke toptarief.
De zelfstandigenaftrek is al jaren aan het afbouwen. In 2026 is die nog maar 1.200 euro, en volgend jaar zakt 'ie naar 900 euro. Gecombineerd met die aftrekrem van net, is die 1.200 euro voor jou eigenlijk nog maar zo'n 450 euro waard. Daarmee is het geen doorslaggevend argument meer om vast te houden aan het urencriterium. Maar het urencriterium is nog wel voor andere zaken van belang, daar komen we zo op. Mocht je ooit een jaar met verlies hebben gehad, dan is er nog wel een vangnet: de niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek. Onbenutte aftrek kan soms tot negen jaar later nog verrekend worden. Check hiervoor je oude aanslagen; het is 'gratis' geld, hoe klein het bedrag ook moge zijn. De startersaftrek, een extraatje bovenop de zelfstandigenaftrek, is voor jou niet van toepassing omdat Haarvisie al sinds 1993 bestaat.
Een aantrekkelijkere aftrekpost is de MKB-winstvrijstelling. Deze bedraagt 12,7 procent van je winst, nádat de ondernemersaftrek eraf is. Voor jou betekent dit een aftrek van ruim 15.400 euro, wat je effectief zo'n 5.786 euro belastingvoordeel oplevert. En het mooie is: voor de MKB-winstvrijstelling hoef je niet aan het urencriterium te voldoen.
Toch is het urencriterium nog van belang. Je moet minstens 1.225 uur per jaar aan je onderneming(en) besteden én het grootste deel van je werktijd daaraan kwijt zijn. Denk eraan: alle uren tellen, dus niet alleen knippen, maar ook administratie, offertes, je website. Belangrijk is dat je dit kunt aantonen. En hier is een mogelijke valkuil, vooral voor je VOF met je echtgenote: het 'ongebruikelijk samenwerkingsverband'. Als haar rol in de VOF vooral ondersteunend is en het ongebruikelijk zou zijn voor twee niet-verbonden personen om zo'n VOF aan te gaan, tellen haar uren misschien niet mee voor haar zelfstandigenaftrek. Voor jou als actieve ondernemer met een leidinggevende rol is dit risico gelukkig klein. Het urencriterium is dus nog vooral belangrijk voor de zelfstandigenaftrek en de meewerkaftrek.
En dan komen we bij een van de belangrijkste punten voor jou dit kwartaal: de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, kortweg KIA. Gezien je plannen om te investeren, is dit een hele belangrijke knop om aan te draaien. De KIA werkt met een staffel. Als je tussen de 2.901 en 71.683 euro investeert, krijg je 28 procent van dat bedrag extra aftrek. Investeer je tussen de 71.684 en 132.746 euro, dan is het een vast bedrag van 20.072 euro. Boven dat bedrag neemt de aftrek weer af, en boven de 398.236 euro is er geen KIA meer. De KIA wordt per onderneming berekend, dus apart voor Rijswijk en voor de VOF. En elk bedrijfsmiddel moet minstens 450 euro kosten om in aanmerking te komen. Let ook op de uitsluitingen: geen KIA voor bijvoorbeeld woonhuizen, grond, de meeste personenauto's of spullen die je van privé naar zakelijk overbrengt. Een belangrijke correctie in dit rapport betreft investeringen bij je eigen BV. Goed nieuws: omdat je 25 procent belang hebt in Trend Brands BV, valt een investering daar wel degelijk onder de KIA. De regel sluit namelijk alleen belangen van ten minste een derde uit. Voor Dani Jay BV, waar je 100 procent eigenaar bent, geldt deze uitzondering helaas wel, daarvoor kun je dus géén KIA toepassen.
Zo, Jamal, dat was een flinke duik in je fiscale situatie voor 2026. We hebben de tarieven, aftrekposten en de belangrijke KIA besproken. Ik hoop dat dit je een helder beeld geeft van de kansen en aandachtspunten. Onthoud: de fiscale wereld is dynamisch, en met Prinsjesdag voor de deur kunnen er nog veranderingen komen – daarover gaat Deel 2 van het rapport, wat binnenkort volgt. De belangrijkste boodschap nu is: pak die investeringskansen aan en bespreek de impact van de verschillende aftrekposten en de BV-keuzes goed met je adviseur. Dank voor je aandacht en tot de volgende update!
Opgesteld: 8 september 2026
Voor: Kapsalon Haarvisie Rijswijk (eenmanszaak) · HV Wateringen VOF · Dani Jay BV · 25% Trend Brands BV
Hoe je dit leest. Elk bedrag en percentage hieronder komt uit een bron die ik echt heb
geopend. De bron staat erbij. Achterin staat de volledige bronnenlijst en een lijst met wat
ik niet heb kunnen vaststellen.
Twee waarschuwingen vooraf:
Dit rapport is na een onafhankelijke controle herzien. De vorige versie staat als
fiscaal-2026-2027.md.v1 naast dit bestand. Van de 96 gecontroleerde beweringen waren er
17 fout of onvolledig. De belangrijkste correcties:
| Wat | Was | Is nu |
|---|---|---|
| BV-vergelijking (punt 16) | voordeel BV € 7.847 bij € 122.500; omslagpunt € 90.000 | voordeel € 3.002; omslagpunt € 96.500; bij € 90.000 is de BV € 906 duurder. Twee fouten: de werkgeversheffing Zvw werd genoemd maar niet opgeteld, en de algemene heffingskorting was over het loon berekend in plaats van over het verzamelinkomen inclusief box 2-dividend (art. 8.10 lid 2) |
| KIA bij Trend Brands (punt 6) | "koop je iets van Trend Brands, dan géén KIA" | onjuist — art. 3.46 lid 1 d sluit alleen belangen van ten minste een derde uit. Jamal heeft 25%, dus KIA geldt gewoon. Voor Dani Jay BV (100%) klopt de waarschuwing wel |
| Waarde lijfrenteaftrek (punt 9) | overal vlak 49,5% | per tranche: 49,5% tot ± € 27.500, dan 55,9%, dan 44,0%, dan 42,1%, dan 35,75%. Volle jaarruimte € 35.589 → € 18.136 (was "± € 17.600"); volle € 78.342 → € 37.598 = 48,0% gemiddeld |
| "Vermenigvuldigingsfactor A 6,27" (punt 9) | stond in de tabel met 2026-cijfers | geschrapt — komt nul keer voor in de Wet IB 2001 tekst 1-1-2026; hoorde bij de formule van vóór 2023 |
| EIA-plafond (punt 8) | "onzeker, bronnen spreken elkaar tegen" | € 153.000.000, staat gewoon in art. 3.42 lid 4. De RVO-brochure noemt € 155 miljoen maar zegt zelf dat je er geen rechten aan kunt ontlenen |
| TBS-vrijstelling (punt 13) | "onzeker: 12% of 12,7%" | 12%, art. 3.99b lid 2 is eenduidig. De 12,7% is de MKB-winstvrijstelling |
| Arbeidskorting-onzekerheid | "scheelt circa € 130" | scheelt € 1.081 (€ 1.759 tegenover € 678) |
| Nieuw hoofdstuk 21 | ontbrak | kostenegalisatiereserve, herinvesteringsreserve, gemengde kosten (€ 5.700), bijtelling auto, kilometerforfait, urencriterium over beide ondernemingen samen, giftenaftrek |
| Deel 2 bronstatus | officieel PDF opgevoerd als bron | de tekstlaag van dat PDF is niet uitleesbaar; de inhoud komt feitelijk uit Taxence |
Vier van de vijf hoofdbevindingen bleven onaangetast: het marginale tarief van 50,4%, de
btw-splitsing op hairextensions, geen EIA op LED-salonverlichting, en dat de BV-lening geen
terbeschikkingstelling is. De lijfrentebevinding bleef inhoudelijk staan maar is opnieuw
gewaardeerd.
| Post | Bedrag 2026 (verwacht) |
|---|---|
| Winst eenmanszaak Rijswijk | € 99.000 |
| Winst HV Wateringen VOF (totaal) | € 47.000 |
| Jouw aandeel VOF bij 50/50 | € 23.500 |
| Totaal winst uit onderneming (jij) | € 122.500 |
Verder: geen lijfrente-inleg tot nu toe, geen KIA benut in 2024/2025, eigen vermogen
eenmanszaak diep negatief, € 40.000 geleend van Dani Jay BV, plan om Q4 2026
€ 15.000-25.000 te investeren in Rijswijk.
| Schijf | Belastbaar inkomen | Tarief | Waaruit |
|---|---|---|---|
| 1 | t/m € 38.883 | 35,75% | 8,10% IB + 27,65% premie volksverzekeringen |
| 2 | € 38.883 t/m € 78.426 | 37,56% | alleen IB |
| 3 | boven € 78.426 | 49,50% | alleen IB |
Bron: Belastingdienst, Box 1: uitleg en tarieven (geen datum op de pagina) en
artikel 2.10 Wet IB 2001, tekst geldig 1-1-2026.
Artikel 2.10 lid 2 Wet IB 2001: als je aftrekposten hebt die in de derde schijf vallen,
komt er 11,94% van dat bedrag weer bij de belasting op. Effectief zijn die aftrekposten
dus maar 37,56% waard in plaats van 49,50%.
Welke posten (art. 2.10 lid 3, limitatief): de ondernemersaftrek, de MKB-winstvrijstelling,
de terbeschikkingstellingsvrijstelling, hypotheekrenteaftrek en de persoonsgebonden aftrek.
Er zit een tweede begrenzing in, en die is belangrijk. De bijtelling bedraagt volgens
lid 2 "ten hoogste 11,94% van de in aftrek gebrachte bedragen ter zake van
grondslagverminderende posten". De rem werkt dus alleen voor zover je inkomen plus die
aftrekposten boven € 78.426 uitkomt. Zakt je belastbaar inkomen (bijvoorbeeld door
lijfrente-inleg), dan valt de bijtelling stukje bij beetje weg — en dat maakt die aftrek in
een bepaalde zone juist méér waard. Zie punt 9.
Bron: artikel 2.10 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Wat dit voor jou betekent. Je zelfstandigenaftrek en je MKB-winstvrijstelling leveren
je 37,56% op, niet 49,5%. Maar een gewone zakelijke kostenpost (reclame, huur, loon,
rente, onderhoud) valt níet onder deze rem. Die is bij jou wél ongeveer 50% waard.
Dat is een groot verschil, en het pleit voor kosten maken boven aftrekposten opzoeken.
| Verzamelinkomen | Korting |
|---|---|
| t/m € 29.736 | € 3.115 |
| € 29.737 t/m € 78.426 | € 3.115 − 6,398% × (verzamelinkomen − € 29.736) |
| vanaf € 78.427 | € 0 |
Bron: Belastingdienst, Tabel algemene heffingskorting 2026.
Jij: € 0. Je verzamelinkomen ligt ruim boven € 78.426.
| Arbeidsinkomen | Korting |
|---|---|
| t/m € 11.965 | 8,324% × arbeidsinkomen |
| € 11.966 t/m € 25.845 | € 996 + 31,009% × (inkomen − € 11.965) |
| € 25.846 t/m € 45.592 | € 5.300 + 1,950% × (inkomen − € 25.845) |
| € 45.593 t/m € 132.920 | € 5.685 − 6,510% × (inkomen − € 45.592) |
| vanaf € 132.921 | € 0 |
Bron: Belastingdienst, Tabel arbeidskorting 2026 en artikel 8.11 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Jij: ongeveer € 1.760. En let op de bijwerking: elke euro extra winst kost je
6,51 cent arbeidskorting. Die afbouw telt gewoon mee in je echte toptarief.
| Jaar | Bedrag |
|---|---|
| 2025 | € 2.470 |
| 2026 | € 1.200 |
| 2027 | € 900 |
Bij AOW-leeftijd aan het begin van het jaar: 50%, dus € 600 in 2026.
Bronnen: Belastingdienst, Zelfstandigenaftrek 2026;
artikel 3.76 Wet IB 2001, 1-1-2026 (letterlijk: "bedraagt de zelfstandigenaftrek € 1.200");
Ondernemersplein, Zelfstandigenaftrek verder omlaag voor het bedrag 2027.
Onzeker: wat er ná 2027 gebeurt. De geconsolideerde wettekst per 1-1-2026 bevat geen
afbouwtabel meer voor latere jaren, alleen het vaste bedrag voor het lopende jaar. Ik heb
geen bron gevonden die 2028 en verder vastlegt.
Wat dit voor jou betekent. De zelfstandigenaftrek is fiscaal vrijwel dood. In 2026 is
hij € 1.200 × 37,56% = circa € 450 waard. Het is geen argument meer om aan het
urencriterium vast te houden — maar zie punt 5, want dat criterium doet nog wél iets.
De zelfstandigenaftrek is nooit hoger dan de winst (art. 3.76 lid 5). Is je winst in een jaar
te laag, dan gaat het onbenutte deel niet verloren. Artikel 3.76 lid 7 Wet IB 2001:
"De niet gerealiseerde zelfstandigenaftrek wordt in de volgende negen kalenderjaren
verrekend door in die jaren een verhoging van de zelfstandigenaftrek in aanmerking te
nemen. Deze verhoging bedraagt maximaal het bedrag waarmee de winst de zelfstandigenaftrek
van dat jaar overtreft."
De inspecteur stelt dat bedrag vast bij voor bezwaar vatbare beschikking en vermeldt het
apart op het aanslagbiljet (lid 6 en 8).
Bron: artikel 3.76 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Actie: kijk op je aanslagen van de afgelopen negen jaar of daar een beschikking
niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek op staat. Met een diep negatief eigen vermogen en
wisselende winst is dat geen theorie. Het bedrag is klein, maar het is gratis.
€ 2.123 bovenop de zelfstandigenaftrek, alleen als je in één van de vijf voorafgaande jaren
geen ondernemer was en de aftrek maximaal twee keer is toegepast (art. 3.76 lid 3 Wet IB 2001).
Haarvisie bestaat sinds 1993. Niet van toepassing.
12,7% van de winst nadat die is verminderd met de ondernemersaftrek.
Bronnen: artikel 3.79a Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Mkb-winstvrijstelling 2026.
Let op: geen urencriterium vereist, en het voordeel wordt afgetopt op 37,56% (zie punt 1).
Bij jou: 12,7% × € 121.300 = € 15.405 aftrek, effectief € 5.786 belastingvoordeel.
Twee voorwaarden (art. 3.6 lid 1 Wet IB 2001):
1. Minstens 1.225 uur per kalenderjaar aan je onderneming(en).
2. Je besteedt grotendeels (meer dan de helft) van je totale werktijd aan die
ondernemingen. Deze tweede eis vervalt als je in één van de vijf voorafgaande jaren
geen ondernemer was.
Alle uren tellen: knippen, maar ook administratie, offertes, de website. Uren waarin je
alleen beschikbaar bent tellen niet. Je moet het aannemelijk maken met agenda, urenbriefjes,
facturen.
Bronnen: artikel 3.6 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Urencriterium.
Artikel 3.6 lid 2 Wet IB 2001, letterlijk: uren tellen niet mee voor een onderneming die
deel uitmaakt van "een samenwerkingsverband met een of meer met hem verbonden personen",
als de werkzaamheden "hoofdzakelijk van ondersteunende aard zijn en het ongebruikelijk is
dat een dergelijk samenwerkingsverband tussen niet-verbonden personen wordt aangegaan".
Wat dit voor jou betekent. HV Wateringen is een VOF met je echtgenote — een verbonden
persoon. Als haar rol in de praktijk vooral ondersteunend is (administratie, inkoop,
planning) en een gelijkwaardige VOF tussen twee vreemden ongebruikelijk zou zijn, dan
tellen háár uren niet mee voor háár urencriterium. Zij verliest dan haar zelfstandigenaftrek.
Voor jou is dat risico klein zolang je zelf knipt en leidinggeeft.
Het urencriterium is nu vooral nog belangrijk voor de zelfstandigenaftrek (€ 1.200) en
de meewerkaftrek. De MKB-winstvrijstelling en de KIA hebben het niet nodig.
| Investeringsbedrag in het jaar | KIA |
|---|---|
| niet meer dan € 2.900 | € 0 |
| € 2.901 t/m € 71.683 | 28% van het investeringsbedrag |
| € 71.684 t/m € 132.746 | € 20.072 (vast) |
| € 132.747 t/m € 398.236 | € 20.072 min 7,56% van het deel boven € 132.746 |
| meer dan € 398.236 | € 0 |
Bronnen: artikel 3.41 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Tabel kleinschaligheidsinvesteringsaftrek 2026.
De KIA wordt per onderneming berekend (art. 3.41 lid 1). Rijswijk en de VOF Wateringen
zijn twee ondernemingen, dus twee aparte berekeningen. Binnen de VOF worden de investeringen
van alle vennoten wél samengeteld (art. 3.41 lid 3).
Bedrijfsmiddelen die minder dan € 450 kosten geven geen KIA.
Bron: Belastingdienst, Geen recht op investeringsaftrek.
Bronnen: artikel 3.45 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Geen recht op investeringsaftrek.
Artikel 3.46 lid 1 Wet IB 2001 sluit verplichtingen uit die je aangaat tussen:
"a. de belastingplichtige en personen die tot zijn huishouden behoren; b. bloed- of
aanverwanten in de rechte lijn of personen die behoren tot hun huishouden; c. gerechtigden
tot een nalatenschap waartoe het bedrijfsmiddel behoort of d. degene die voor ten minste
een derde gedeelte belang heeft in een lichaam en dat lichaam."
Bron: artikel 3.46 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Voor jou betekent dat twee verschillende uitkomsten:
| Van wie koop je? | Jouw belang | KIA? |
|---|---|---|
| Dani Jay BV | 100% | Nee — ruim boven een derde, art. 3.46 lid 1 d sluit het uit |
| Trend Brands BV | 25% | Ja, gewoon KIA — 25% is minder dan een derde (33,3%), dus de uitsluiting geldt niet |
Let op de grens: bij een belang van een derde of meer vervalt de KIA. Zou je belang in
Trend Brands groeien tot 33,3% of meer, dan verandert dit.
Bronnen: artikelen 3.44 en 3.47 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Voorwaarden investeringsregelingen.
Concreet voor Q4 2026: teken de opdracht vóór 31 december en betaal in 2026 minstens
het bedrag waarover je de KIA wilt claimen. Een aanbetaling van 25% is te weinig om de volle
aftrek in 2026 te pakken — dan schuift het meerdere door.
Verkoop of schenk je binnen 5 jaar na het begin van het kalenderjaar van de investering
voor meer dan € 2.900, dan betaal je een deel van de aftrek terug: hetzelfde percentage
als je destijds hebt genoten, over de overdrachtsprijs, en nooit meer dan de oorspronkelijke
aftrek.
Bron: artikel 3.47 Wet IB 2001, 1-1-2026.
| Investering (bedrijfsmiddelen, elk > € 450) | € 20.000 |
| KIA 28% | € 5.600 |
| Afschrijving jaar 1 (bij 5 jaar, hele jaar) | € 4.000 |
| Winstverlaging jaar 1 | € 9.600 |
| Belastingbesparing jaar 1 (jouw tarief) | circa € 4.840 |
De KIA is geen aftrekpost uit artikel 2.10 lid 3 — de 11,94%-rem geldt er niet voor.
De KIA is dus wél circa 50% waard.
Ja, maar alleen in twee smaken:
1. VAMIL — willekeurige afschrijving milieu-bedrijfsmiddelen (art. 3.31 Wet IB 2001).
75% van de investering mag je op een moment naar keuze afschrijven.
2. Willekeurige afschrijving voor aangewezen bedrijfsmiddelen (art. 3.34 Wet IB 2001).
Dat artikel heet "Willekeurige afschrijving andere aangewezen bedrijfsmiddelen" en is een
delegatiebepaling: de minister wijst bij ministeriële regeling bedrijfsmiddelen aan, en
kan dat op grond van lid 3 beperken tot "aangewezen groepen van belastingplichtigen".
De bekende startersregeling is zo'n aanwijzing bínnen dit artikel, niet het artikel
zelf. Niet van toepassing op jou: Haarvisie bestaat sinds 1993.
Bronnen: Belastingdienst, Willekeurige afschrijving;
RVO, Ook in 2026 belastingvoordeel voor innovatieve, milieuvriendelijke investeringen;
artikelenlijst Wet IB 2001 (3.31 t/m 3.39), tekst 1-1-2026.
Er is in 2026 géén algemene of tijdelijke willekeurige-afschrijvingsregeling zoals die
er in 2023 eenmalig was. Voor jou is willekeurige afschrijving dus alleen bereikbaar via
een bedrijfsmiddel dat op de Milieulijst staat.
| Punt | 2026 |
|---|---|
| Aftrek | 40% van de investeringskosten, bovenop de gewone afschrijving |
| Minimum per bedrijfsmiddel | € 2.500 |
| Maximum per belastingplichtige per jaar | € 153.000.000 (art. 3.42 lid 4) |
| Melden bij RVO | binnen 3 maanden na het aangaan van de investeringsverplichting |
Bronnen: RVO, Brochure EIA — Energielijst 2026 (december 2025);
Belastingdienst, Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 8.
Over het plafond: de wet beslist, niet de brochure. Artikel 3.42 lid 4 Wet IB 2001
(tekst 1-1-2026) zegt letterlijk dat "het totale bedrag aan energie-investeringen dat per
belastingplichtige per jaar in aanmerking wordt genomen niet meer bedraagt dan
€ 153.000.000". De RVO-brochure noemt "maximaal € 155 miljoen per kalenderjaar", maar
schrijft er zelf bij: "Deze brochure bevat een beknopte en vrije weergave van de wettelijke
bepalingen. U kunt hieraan geen rechten ontlenen." Houd dus € 153.000.000 aan. Voor jou
maakt het niets uit, maar het is geen echte onzekerheid.
Ik heb de complete Energielijst 2026 doorzocht. Wat ik vond:
| Wens | Op de Energielijst 2026? |
|---|---|
| LED-verlichting in de salon | Nee. De enige LED-post is code 210508, "LED-belichtingssysteem voor podium- of theaterbelichting". Gewone winkel- of salonverlichting staat er niet op. |
| Lucht/water warmtepomp | Ja — code 211107 [NIEUW], "voor het verwarmen van bestaande bedrijfsgebouwen", eis: SCOP ≥ 4,0 voor de buitenunit, halogeenvrij koudemiddel. |
| Warmtepomp watergerelateerd, halogeenvrij | Ja — code 211106 [NIEUW], SCOP ≥ 4,5, open of gesloten bodembron. |
| Zonnepanelen | Ja — categorie D (Duurzame energie), onder meer "Zonnepanelen voor elektriciteitsopwekking". |
| Hele salon energiezuiniger maken | Ja, maar zwaar — "Energieprestatieverbetering van bestaande bedrijfsgebouwen". Eis: een EP-U MWA-maatwerkadvies (ISSO 75.2) vóórdat je investeert en vóórdat je meldt, en het pand moet daarna minstens energielabel A hebben én ten minste 3 labels beter zijn dan het referentielabel. |
Bron: RVO, Brochure EIA — Energielijst 2026, hoofdstukken 1, 2 en 3 (december 2025).
Wat dit voor jou betekent. Als je in Q4 investeert in salonverlichting, reken dan alleen
op KIA (28%), niet op EIA. Wil je EIA erbij: dan moet het gaan om een warmtepomp of
zonnepanelen, minimaal € 2.500, en je moet binnen 3 maanden na het tekenen van de opdracht
melden bij RVO. Vergeet je die melding, dan is de EIA weg — de KIA blijft dan wel staan.
Let op: EIA en MIA mag je niet allebei op dezelfde investering toepassen; je moet kiezen.
KIA mag wel naast EIA of MIA.
| Categorie | Percentage |
|---|---|
| Bedrijfsmiddelcode F en G | 45% |
| Bedrijfsmiddelcode A en D | 36% |
| Bedrijfsmiddelcode B en E | 27% |
Minimum € 2.500 per bedrijfsmiddel. Bron: Belastingdienst, Veranderingen vennootschapsbelasting 2026 en Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 8.
Artikel 3.127 Wet IB 2001 (tekst 1-1-2026), letterlijk samengevat:
jaarruimte = 30% × premiegrondslag − vermindering wegens pensioenopbouw
waarbij de premiegrondslag het gezamenlijke bedrag is van, in het voorafgaande
kalenderjaar: winst uit onderneming vóór de ondernemersaftrek, belastbaar loon,
resultaat uit overige werkzaamheden en periodieke uitkeringen — daarvan telt hoogstens
€ 137.800 mee, verminderd met € 19.172 (de in te bouwen AOW-franchise).
| Grootheid 2026 | Bedrag |
|---|---|
| Percentage jaarruimte | 30% |
| Aftoppingsgrens | € 137.800 |
| In te bouwen AOW-franchise | € 19.172 |
| Maximale premiegrondslag | € 118.628 |
| Maximale jaarruimte | € 35.589 |
| Maximale reserveringsruimte | € 42.753 |
Niet gebruiken: "vermenigvuldigingsfactor A = 6,27". Dat getal staat wél in de
Belastingdienst-PDF met cijfers 2026, maar het komt in de hele Wet IB 2001 (tekst
1-1-2026) nul keer voor, en artikel 3.127 lid 4 kent geen onderdeel a. Factor A
hoorde bij de jaarruimteformule van vóór 1-1-2023; sinds de Wet toekomst pensioenen
rekent lid 4 met de werkelijk ingelegde pensioenpremies. Wie met factor A × 6,27
rekent, rekent verkeerd.
Bronnen: artikel 3.127 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Overzicht cijfers levensverzekeringen per 1-1-2026 (PDF) (opgemaakt 18 december 2025);
Belastingdienst, Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 15.
Belangrijk: de jaarruimte 2026 wordt berekend op je cijfers van 2025, niet 2026.
Artikel 3.127 lid 2: heb je in de voorafgaande tien jaar minder lijfrentepremie
afgetrokken dan mocht, dan mag je dat alsnog inhalen, te beginnen met het oudste jaar.
Maximaal € 42.753 in één jaar.
Wat dit voor jou betekent. Je hebt nooit lijfrente ingelegd. Bij winsten rond de
€ 100.000-125.000 in de afgelopen tien jaar is je onbenutte ruimte vrijwel zeker groter dan
het maximum. Dat betekent dat je in 2026 in theorie kunt inleggen:
| Bedrag | |
|---|---|
| Jaarruimte 2026 (maximaal) | € 35.589 |
| Reserveringsruimte (maximaal) | € 42.753 |
| Samen maximaal | € 78.342 |
Lijfrentepremie is een uitgave voor inkomensvoorziening (afdeling 3.7 Wet IB 2001,
in aftrek via art. 3.1 lid 2 onderdeel i). Die staat niet in de limitatieve lijst van
artikel 2.10 lid 3. De 11,94%-aftrekrem geldt er dus niet voor. Dat is de kern, en die
klopt.
Maar de vuistregel "49,5%" geldt maar tot ongeveer € 27.500 inleg. Daarna verandert de
waarde per euro — en niet zoals je zou verwachten. Reken per tranche, niet met één percentage.
| Zone (belastbaar inkomen zakt van → naar) | Inleg in die zone | Waarde per euro | Waaruit |
|---|---|---|---|
| € 105.895 → € 78.426 | eerste € 27.469 | 49,5% | derde schijf; de aftrekrem staat nog op zijn plafond |
| € 78.426 → € 61.821 | volgende € 16.605 | 55,9% | 37,56% tarief + 11,94% vrijvallende aftrekrem + 6,398% herlevende algemene heffingskorting |
| € 61.821 → € 38.883 | volgende € 22.938 | 44,0% | 37,56% tarief + 6,398% heffingskorting |
| € 38.883 → € 29.736 | volgende € 9.147 | 42,1% | 35,75% eerste schijf + 6,398% heffingskorting |
| onder € 29.736 | de rest | 35,75% | alleen de eerste schijf |
De zone van 55,9% ontstaat doordat artikel 2.10 lid 2 een tweede begrenzing kent: de
bijtelling is "ten hoogste 11,94% van de in aftrek gebrachte bedragen ter zake van
grondslagverminderende posten". Zodra je belastbaar inkomen onder € 78.426 zakt, valt die
bijtelling stukje bij beetje weg. Dat is extra rendement bovenop het schijventarief.
Wat dat optelt tot:
| Inleg 2026 | Belastingbesparing 2026 | Gemiddeld rendement |
|---|---|---|
| € 10.000 | € 4.950 | 49,5% |
| € 25.000 | € 12.375 | 49,5% |
| € 27.469 (tot de schijfgrens) | € 13.597 | 49,5% |
| € 35.589 (volle jaarruimte) | € 18.136 | 51,0% |
| € 50.000 | € 25.484 | 51,0% |
| € 78.342 (jaar + reservering) | € 37.598 | 48,0% |
(Eigen berekening op basis van de tarieven, kortingen en wetsartikelen hierboven; zie de
rekenmethode in punt 15. Nagerekend en bevestigd in een onafhankelijke controle.)
Twee dingen die deze tabel kunnen verstoren:
De praktische conclusie: de eerste circa € 44.000 aan inleg (tot je belastbaar inkomen
op € 61.821 staat) levert 49,5% tot 55,9% op. Dat is uitstekend. Daarboven daalt het
rendement snel. Volstorten tot € 78.342 is fiscaal niet optimaal — en gezien je kaspositie
sowieso niet realistisch.
Een lijfrenterekening bij een bank (banksparen) is bij jouw winstniveau vrijwel altijd
de verstandigste vorm: lagere kosten dan een verzekering, en het geld blijft bij overlijden
in de familie. De keuze tussen aanbieders is geen fiscale vraag maar een kosten- en
rendementsvraag.
Drie eerlijke waarschuwingen:
"Sinds 2023 kunt u geen oudedagsreserve meer vormen."
Een reserve die je vóór 2023 hebt opgebouwd mag op de balans blijven staan, maar er mag niets
meer bij. De reserve neemt af als je er een lijfrente voor koopt, als je staakt, als je de
AOW-leeftijd bereikt, of als je twee jaar niet aan het urencriterium voldoet.
Bron: Belastingdienst, Oudedagsreserve.
Paragraaf 3.2.3 Wet IB 2001 (art. 3.67-3.73) staat nog in de wet maar is per 1-1-2023 gesloten
voor nieuwe toevoegingen.
Actie: kijk op de balans van Rijswijk of er nog een oude FOR staat. Zo ja, dan is dat een
belastinglatentie die vrijvalt bij staken of bij het bereiken van je AOW-leeftijd. Dat is een
harde deadline die je moet plannen — bij voorkeur door er tijdig een lijfrente van te kopen.
Je hebt drie manieren om je echtgenote fiscaal te laten meedelen. Ze sluiten elkaar uit.
De wettelijke staffel (art. 3.78 lid 2 Wet IB 2001) werkt met "gelijk aan of meer dan …
maar minder dan". De bovengrens hoort dus bij de vólgende band:
| Uren van je partner | Aftrek |
|---|---|
| minder dan 525 | geen |
| 525 tot 875 | 1,25% van de winst |
| 875 tot 1.225 | 2% van de winst |
| 1.225 tot 1.750 | 3% van de winst |
| 1.750 of meer | 4% van de winst |
Bij precies 875 uur geldt dus 2%, niet 1,25%.
Let op een verschil tussen de wet en de website. De Belastingdienst-pagina zegt: "Uw
fiscale partner werkt zonder vergoeding in uw onderneming, of de vergoeding die u hiervoor
betaalt is minder dan € 5.000." Artikel 3.78 lid 1 Wet IB 2001 is strenger en zegt letterlijk
dat de partner "zonder enige vergoeding arbeid verricht". Wie alleen op de website afgaat,
kan hier misgrijpen. Ga uit van de wettekst, of leg de vraag voor.
Bronnen: artikel 3.78 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Meewerkaftrek;
Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 8.
De meewerkaftrek valt onder de ondernemersaftrek (art. 3.74 onderdeel c) en dus onder de
11,94%-rem: 37,56% waard.
Artikel 3.16 lid 4 Wet IB 2001, letterlijk:
"Bij het bepalen van de winst komen mede niet in aftrek kosten en lasten die verband houden
met vergoeding van arbeid door de partner van de belastingplichtige, indien de vergoeding
lager is dan € 5000."
Bron: artikel 3.16 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Dus: betaal je je partner € 4.000 voor haar werk, dan is dat niet aftrekbaar — en zij
hoeft het ook niet aan te geven. Betaal je € 6.000 (en is dat zakelijk), dan is het volledig
aftrekbaar bij jou en belast bij haar (als resultaat uit overige werkzaamheden). Alles of niets.
Dit is jouw situatie in Wateringen.
Bronstatus: dit is geen wetsartikel. De zakelijkheidstoets op de winstverdeling in een
man-vrouwfirma volgt uit jurisprudentie en uitvoeringsbeleid, niet uit een artikel dat ik
letterlijk kan citeren. Alleen het urencriterium (art. 3.6 lid 2) en de € 5.000-grens
(art. 3.16 lid 4) staan hieronder wél in de wet. Behandel de rest als vakinhoudelijk
advies dat je met je adviseur toetst, niet als vaststaand recht.
De lijn:
Wat dit voor jou betekent — en dit is een echt aandachtspunt.
Je aangiftes 2023 gebruikten 20/80, de jaarrekening 2023 zei 50/50, en de kapitaalmutaties
2024/2025 doen 10/90. Dat is drie verschillende verhalen over hetzelfde. Dat is precies het
patroon waar de Belastingdienst bij een controle op inzoomt.
Wat je moet doen, in deze volgorde:
1. Zoek uit welke verdeling er feitelijk is aangegeven en op basis waarvan.
2. Leg vast waarom die verdeling zakelijk is: wie doet wat, wie brengt wat in, wie loopt
welk risico. Een arbeidsbeloning vooraf plus een restwinstverdeling is een heel normale en
goed verdedigbare constructie — maar dan moet dat wel in de akte staan.
3. Zorg dat akte, jaarrekening, kapitaalrekeningen en aangifte hetzelfde zeggen, vanaf 2026.
4. Ga niet zelf een verdeling aanpassen om belasting te sparen. Dat is exact het gedrag dat de
correctie oproept.
Even rekenen wat er op het spel staat: 20/80 in jouw nadeel betekent dat een groot deel van de
Wateringen-winst bij haar wordt belast. Bij een winst van € 47.000 is dat verschil in
belastingdruk aanzienlijk, omdat zij vermoedelijk in een lagere schijf zit en haar
heffingskortingen nog wél heeft. Maar dat mag geen reden zijn voor de verdeling — alleen
een gevolg van een zakelijke verdeling.
| Wie | Percentage | Over maximaal | Maximum bijdrage |
|---|---|---|---|
| Ondernemer (lage, inkomensafhankelijke bijdrage) | 4,85% | € 79.409 | € 3.851 |
| Werknemer / DGA (hoge bijdrage, door werkgever betaald) | 6,10% | € 79.409 | € 4.844 |
Bron: Belastingdienst, Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 28.
De maximumbedragen zijn mijn eigen berekening (percentage × maximumbijdrage-inkomen).
Bij jou: je zit ruim boven het maximum, dus je betaalt de volle € 3.851. Elke euro winst
boven ± € 79.409 kost geen ZVW meer. Dat is meegenomen in het marginale tarief hieronder.
Let op: de ZVW-bijdrage is zelf niet aftrekbaar van de winst (art. 3.16 lid 2 onderdeel e
Wet IB 2001).
| Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang | Tarief |
|---|---|
| t/m € 68.843 | 24,5% |
| boven € 68.843 | 31% |
Bron: artikel 2.12 Wet IB 2001, 1-1-2026;
Belastingdienst, Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 29.
De schijfgrens van € 68.843 geldt per persoon. Met een fiscaal partner is er in totaal
€ 137.686 tegen 24,5% beschikbaar, mits het inkomen ook daadwerkelijk aan beiden wordt
toegerekend.
Je 25% in Trend Brands BV is ook een aanmerkelijk belang (≥ 5%). Dividend daaruit valt in
dezelfde box 2, en telt mee voor het volmaken van je 24,5%-schijf.
| Winst | Tarief |
|---|---|
| t/m € 200.000 | 19,0% |
| boven € 200.000 | 25,8% |
"Het vennootschapsbelastingtarief is in 2026 niet gewijzigd."
Bron: Belastingdienst, Veranderingen vennootschapsbelasting 2026.
Artikel 12a Wet op de loonbelasting 1964: het loon wordt ten minste gesteld op het hoogste
van:
1. het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
2. het hoogste loon van de werknemers van de vennootschap of een verbonden vennootschap;
3. € 58.000.
Kun je aannemelijk maken dat het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager is,
dan geldt dat lagere bedrag (lid 2). Is het vast te stellen loon niet hoger dan € 5.000
over alle vennootschappen samen, dan geldt de regeling niet (lid 4).
Bronnen: artikel 12a Wet LB 1964, tekst 1-1-2026;
Belastingdienst, Loon en aanmerkelijk belang.
Let op: de oude doelmatigheidsmarge (het percentage waarmee je onder het vergelijkbare loon
mocht gaan zitten) staat niet meer in de wettekst 2026. Reken er dus niet op.
Wat dit voor jou betekent. Als Dani Jay BV alleen een lening uitstaan heeft en verder
nauwelijks activiteit kent, verricht je er nauwelijks arbeid voor. Dan kan lid 4 (de
€ 5.000-uitzondering) of lid 2 (lager vergelijkbaar loon) in beeld komen. Dat is een
feitelijke vraag die je met je adviseur moet vastleggen — niet iets om stil aan te nemen.
Eerst een misverstand uit de wereld: dit is géén terbeschikkingstelling.
De TBS-regeling (art. 3.91 en 3.92 Wet IB 2001) gaat over vermogen dat jij privé ter
beschikking stelt aan je eigen BV of aan de onderneming van een verbonden persoon. Hier is
het omgekeerd: de BV leent aan jou. Dat is een gewone geldlening.
TBS zou wél spelen als jij privé geld of een pand aan Dani Jay BV of Trend Brands BV ter
beschikking stelt. Het resultaat valt dan in box 1 (belastbaar resultaat uit overige
werkzaamheden, afdeling 3.4 Wet IB 2001), met een terbeschikkingstellingsvrijstelling.
De vrijstelling is 12%. Artikel 3.99b lid 2 Wet IB 2001 (tekst 1-1-2026) is eenduidig:
"De terbeschikkingstellingsvrijstelling bedraagt 12% van het gezamenlijke bedrag van het
resultaat uit werkzaamheden als bedoeld in de artikelen 3.91 en 3.92." Verwar dit niet met
de MKB-winstvrijstelling van 12,7% — dat is een ander percentage voor een andere regeling.
Ook de tbs-vrijstelling valt onder de 11,94%-aftrekrem (art. 2.10 lid 3 onderdeel c).
Bron: artikel 3.99b Wet IB 2001, 1-1-2026.
Hoe de € 40.000 dan wél werkt, en waar het risico zit:
| Kant | Gevolg |
|---|---|
| Dani Jay BV | Heeft een vordering. De rente is winst, belast met 19% VPB. |
| Jouw eenmanszaak | Heeft een schuld. De rente is een gewone zakelijke kostenpost — geen post uit art. 2.10 lid 3, dus bij jou circa 50% aftrekbaar. |
Dat betekent dat een zakelijke rente je per saldo geld oplevert: je trekt af tegen ± 50%
en de BV betaalt er 19% over. Op € 40.000 tegen bijvoorbeeld 6% is dat € 2.400 rente:
circa € 1.200 minder IB, circa € 456 meer VPB. Netto voordeel ± € 744 per jaar.
De risico's, en die zijn reëel:
1. Rente te hoog → het meerdere is geen zakelijke last. De inspecteur kan het aanmerken als
een uitdeling (box 2, 24,5%) in plaats van aftrekbare rente.
2. Rente te laag of nul → de BV loopt inkomsten mis; de inspecteur kan een zakelijke rente
bijtellen bij de BV.
3. Geen leningsovereenkomst, geen aflossingsschema, geen zekerheid → dan kan de lening
worden geherkwalificeerd als een verkapte dividenduitkering. Je betaalt dan alsnog
box 2 over € 40.000: circa € 9.800. Dit is het grootste risico van de drie.
4. Bij een onzakelijke lening die de BV later moet afwaarderen, is dat verlies niet
aftrekbaar voor de VPB. (Bronstatus: dit is jurisprudentie — de onzakelijke-leningleer —
en geen wetsartikel dat ik kan citeren. Vakinhoudelijk gangbaar, maar toets het.)
Doe dit: leg de lening schriftelijk vast met een zakelijke rente, een aflossingsschema en
een looptijd, en houd je eraan. Dit is de goedkoopste verzekering die je kunt kopen.
| Grootheid | 2026 |
|---|---|
| Heffingsvrij vermogen (per persoon) | € 59.357 |
| Heffingsvrij vermogen (fiscale partners, heel jaar) | € 118.714 |
| Drempel schulden (per persoon) | € 3.800 |
| Forfait banktegoeden | 1,28% (nog voorlopig) |
| Forfait beleggingen en andere bezittingen | 6,00% (staat vast) |
| Forfait schulden | 2,70% (nog voorlopig) |
| Tarief box 3 | 36% |
| Vrijstelling groene beleggingen (per persoon) | € 26.715 |
Bronnen: Belastingdienst, Hoe is het box 3-inkomen op mijn voorlopige aanslag 2026 berekend?;
Belastingdienst, Fiscale informatie 2026 hoofdstuk 13;
artikel 2.13 Wet IB 2001, 1-1-2026.
De percentages voor banktegoeden en schulden worden pas begin 2027 definitief vastgesteld
en dan gebruikt voor je definitieve aanslag 2026.
Let op een tegenstrijdigheid. De geconsolideerde wettekst van artikel 5.2 lid 2 per
1-1-2026 noemt nog 1,44% (banktegoeden) en 2,61% (schulden). Dat zijn de percentages van een
eerder jaar; de wettekst wordt pas bijgewerkt als de definitieve percentages vaststaan.
Gebruik de Belastingdienst-cijfers (1,28% en 2,70%) voor je voorlopige aanslag 2026.
Een tweede woning in Spanje is een "overige bezitting": forfait 6,00%, tarief 36%.
Effectief ± 2,16% van de waarde per jaar.
Maar: Nederland en Spanje hebben een belastingverdrag. Het heffingsrecht over onroerend goed
ligt bij het land waar het pand ligt (Spanje). Nederland verleent een aftrek ter voorkoming
van dubbele belasting. In de praktijk betekent dat: je geeft het pand in Nederland wel op in
box 3, maar krijgt een vermindering. Je betaalt daarnaast in Spanje.
Let op een tegenstrijdigheid in het brondossier. Het bedrag van € 391.000 is in mijn
uitgangspunten de privé-opname over 2025. Dat is niet automatisch de waarde van het
Spaanse pand — een deel kan naar aankoopkosten, belastingen, verbouwing of gewoon privé
zijn gegaan. Ik heb die twee door elkaar gebruikt. Corrigeer dit vóór je er iets op bouwt:
voor box 3 telt de waarde van het pand op 1 januari, niet wat je hebt opgenomen.
Onzeker. Ik heb de exacte werking van het Nederlands-Spaanse verdrag en de Spaanse
niet-ingezetenenbelasting (IRNR, IBI) niet uitgezocht — dat viel buiten de opdracht en vraagt
een specialist.
Ook relevant: artikel 5.20 Wet IB 2001 waardeert woningen die geen eigen woning zijn op de
WOZ-waarde. Voor een pand in Spanje bestaat geen WOZ-waarde; lid 2 bepaalt dat de waarde
dan "wordt bepaald met overeenkomstige toepassing" van de WOZ-regels. In de praktijk betekent
dat een waardering naar de waarde in het economische verkeer. Laat vastleggen welke waarde je
hanteert en waarop die is gebaseerd.
| Datum | Stap |
|---|---|
| 19 mei 2025 | Wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer |
| 13 dec 2024 | Ingangsdatum verschoven van 1-1-2027 naar 1-1-2028 |
| 12 februari 2026 | Aangenomen door de Tweede Kamer |
| 30 juni 2026 | Plenaire behandeling Eerste Kamer; vier moties ingediend |
| 30 juni / begin juli 2026 | Stemming uitgesteld tot de behandeling van de aangekondigde novelle(s) |
| 7 juli 2026 | Stemming over de motie-Schalk (SGP) c.s. |
| Prinsjesdag 2026 | Novelle verwacht |
| januari 2027 | Behandeling novelle in Eerste Kamer verwacht (onzeker) |
Bronnen: Rijksoverheid, Tijdlijn Wet werkelijk rendement box 3;
Eerste Kamer, wetsvoorstel 36.748 (laatste behandeling 7-7-2026);
SRA, Wet werkelijk rendement box 3 voorlopig nog niet aangenomen (1-7-2026);
Accountancy Vanmorgen, Box 3 belangrijk pijnpunt voor Prinsjesdag (27-8-2026).
Eerlijk gezegd: de ingangsdatum 2028 staat niet vast. De Eerste Kamer heeft de stemming
uitgesteld, coalitiepartijen twijfelen, en er komt een novelle. Neem in je planning mee dat
dit kan verschuiven of sneuvelen.
Voor jou is het onderscheid belangrijk: onder het nieuwe stelsel wordt vastgoed niet naar
werkelijk rendement belast maar via een forfait op de waarde (vermogenswinstbelasting bij
verkoop, forfaitair voordeel tijdens bezit). De precieze uitwerking voor buitenlands vastgoed
heb ik niet kunnen vaststellen. Zet dit op je lijst voor na Prinsjesdag.
| Stap | Bedrag |
|---|---|
| Winst uit onderneming (Rijswijk + 50% VOF) | € 122.500 |
| af: zelfstandigenaftrek | − € 1.200 |
| Winst na ondernemersaftrek | € 121.300 |
| af: MKB-winstvrijstelling 12,7% | − € 15.405 |
| Belastbaar inkomen box 1 | € 105.895 |
| Belasting volgens de schijven | € 42.350 |
| bij: tariefsaanpassing 11,94% over € 16.605 | + € 1.983 |
| af: algemene heffingskorting | − € 0 |
| af: arbeidskorting | − € 1.759 |
| Inkomstenbelasting | € 42.573 |
| bij: ZVW-bijdrage 4,85% over € 79.409 | + € 3.851 |
| Totale heffing | € 46.425 |
| Netto over | € 76.075 |
Effectieve druk: 37,9% van je winst.
Dit is het getal dat al je beslissingen stuurt.
| Winst | Totale heffing | Netto |
|---|---|---|
| € 100.000 | € 35.082 | € 64.918 |
| € 110.000 | € 40.123 | € 69.877 |
| € 122.500 | € 46.425 | € 76.075 |
| € 150.000 | € 60.288 | € 89.712 |
Van elke € 1.000 extra winst houd je nog € 496 over. Andersom: elke € 1.000 aan
aftrekbare zakelijke kosten kost je netto maar € 496.
Opbouw van die 50,4%: 49,5% over 87,3% van de euro (na MKB-vrijstelling) = 43,2%, plus
11,94% aftrekrem over het vrijgestelde deel = 1,5%, plus 6,51% arbeidskortingafbouw over
87,3% = 5,7%. ZVW telt niet meer mee, want je zit boven het maximum.
Alle berekeningen in deze paragraaf zijn van mij, op basis van de tarieven, kortingen en
wetsartikelen die hierboven met bron zijn opgenomen.
| Winst | Heffing eenmanszaak | Netto EZ | Heffing BV | Netto BV | Voordeel BV |
|---|---|---|---|---|---|
| € 90.000 | € 29.891 | € 60.109 | € 30.798 | € 59.202 | − € 906 |
| € 96.500 | € 33.317 | € 63.183 | € 33.323 | € 63.177 | − € 5 |
| € 100.000 | € 35.082 | € 64.918 | € 34.682 | € 65.318 | + € 400 |
| € 110.000 | € 40.123 | € 69.877 | € 38.567 | € 71.433 | + € 1.556 |
| € 122.500 | € 46.425 | € 76.075 | € 43.422 | € 79.078 | + € 3.002 |
| € 150.000 | € 60.288 | € 89.712 | € 54.288 | € 95.712 | + € 6.001 |
| € 200.000 | € 82.850 | € 117.150 | € 76.343 | € 123.657 | + € 6.507 |
Uitwerking BV bij € 122.500:
| Post | Bedrag |
|---|---|
| Gebruikelijk loon | € 58.000 |
| Werkgeversheffing Zvw 6,10% over € 58.000 | € 3.538 |
| VPB-grondslag (€ 122.500 − € 58.000 − € 3.538) | € 60.962 |
| VPB 19% | € 11.583 |
| Dividend | € 49.379 |
| Box 2 24,5% | € 12.098 |
| IB over het loon na heffingskortingen | € 16.204 |
| Totale heffing (3.538 + 11.583 + 12.098 + 16.204) | € 43.422 |
Twee dingen die hierbij makkelijk misgaan, en die ik in een eerdere versie van dit rapport
zelf fout had:
Bron voor het verzamelinkomen: artikel 8.10 Wet IB 2001, 1-1-2026.
De hele tabel is een eigen berekening met de tarieven en artikelen uit dit rapport, en is
onafhankelijk nagerekend.
Het omslagpunt ligt bij ongeveer € 96.500 winst. Daaronder is de BV duurder: bij
€ 90.000 winst kost de BV je € 906 méér dan de eenmanszaak.
Bij jouw € 122.500 is het papieren voordeel circa € 3.000 per jaar.
De tabel gaat er bovendien van uit dat je de winst volledig uitkeert. Laat je geld in de
BV zitten, dan stel je de box 2-heffing uit en wordt de BV rekenkundig gunstiger. Maar dan
heb je dat geld privé ook niet.
Op jouw winstniveau levert een BV in 2026 geen netto voordeel op. Het papieren voordeel
van circa € 3.000 valt weg tegen de € 2.000-4.000 aan extra jaarlijkse kosten, en dan heb je
de eenmalige overstapkosten en het gedoe met je negatieve kapitaal nog niet meegerekend.
Dat beeld kan kantelen: als de zelfstandigenaftrek in 2027 naar € 900 zakt en je winst
groeit, wordt de BV interessanter. Bij € 150.000 winst is het voordeel € 6.000 en dan blijft
er na kosten wél iets over.
Doe daarom dit:
1. Wacht Prinsjesdag af (15 september).
2. Zet de vraag scherp neer bij je adviseur mét de goodwillwaardering, de gevolgen van het
negatieve kapitaal en een echte offerte voor de jaarlijkse BV-kosten.
3. Beslis in het eerste kwartaal van 2027 met de cijfers 2026 op tafel.
Ondertussen kun je met lijfrente en KIA het meeste effect halen zonder iets onomkeerbaars te doen.
De middelingsregeling is per 1 januari 2023 vervallen. Het laatste tijdvak waarover je kunt
middelen is 2022-2023-2024. Drempelbedrag € 545: alleen het verschil boven dat bedrag krijg
je terug.
Bron: Belastingdienst, Teruggaaf door middeling berekenen.
Actie voor jou, en dit is gratis geld als het van toepassing is. Had je in 2022, 2023 of
2024 sterk wisselende inkomens? Dan kun je nu nog een middelingsverzoek doen. Je hebt van alle
drie de jaren een definitieve aanslag nodig.
Onzeker, en dit moet je als eerste uitzoeken. De aanvraagtermijn stond niet op de
Belastingdienst-pagina die ik opende. De bekende termijn van 36 maanden na het onherroepelijk
worden van de laatste definitieve aanslag stond in artikel 3.154 lid 5 Wet IB 2001, maar
dat artikel staat niet meer in de wettekst die geldt per 1-1-2026 (vervallen bij de
afschaffing per 2023, met overgangsrecht dat ik niet heb kunnen openen). Dit is de enige
actie in dit hele rapport met een harde vervaldatum. Bel de Belastingdienst of je adviseur
voordat je iets anders doet.
| Wat | Termijn |
|---|---|
| Basisgegevens (grootboek, debiteuren- en crediteurenadministratie, voorraadadministratie, in- en verkoopadministratie, loonadministratie) | 7 jaar |
| Gegevens over onroerende zaken | 10 jaar |
| One Stop Shop-gegevens | 10 jaar |
| Overige gegevens | 7 jaar, korter alleen na afspraak met de Belastingdienst |
De bewaartermijn begint pas als de gegevens hun actualiteitswaarde verliezen. De administratie
mag op papier of digitaal, maar moet "alle gegevens over uw onderneming" bevatten.
Bronnen: Belastingdienst, Hoelang moet u gegevens bewaren?;
Belastingdienst, Houd een goede administratie bij.
Wettelijke basis: artikel 52 Algemene wet inzake rijksbelastingen (administratieplicht en
bewaarplicht van 7 jaar).
Bron: Belastingdienst, Btw-tarief diensten van kappers.
Dit is voor jou geen theorie. Je koopt voor € 16.746 per jaar in bij Great Lengths
(hairextensions). Bij een extensionbehandeling moet je de factuur splitsen: het haar zelf
naar 21%, het aanbrengen naar 9%. Doe je dat niet en factureer je alles tegen 9%, dan is dat
bij een controle een naheffing over meerdere jaren, plus rente en mogelijk een boete.
Controleer dit als eerste als je zelf gaat boekhouden. Vraag je kassasysteem of het aparte
btw-codes per artikelgroep kan.
De kleineondernemersregeling geldt alleen bij een omzet van maximaal € 20.000 per
kalenderjaar, zowel in het jaar van aanmelding als het jaar daarvóór.
Bron: Belastingdienst, Voorwaarden voor deelname aan de KOR.
Je omzet is een veelvoud daarvan. Niet van toepassing, en dat is maar goed ook — onder de
KOR kun je geen btw op investeringen terugvragen.
De harde juridische lijn, kort:
Wat je volledig zelf mag doen:
- De hele administratie voeren van je eenmanszaak en de VOF. Er is geen enkele wettelijke
verplichting om een boekhouder of accountant in te schakelen.
- Je btw-aangifte, je aangifte loonheffingen en je aangifte inkomstenbelasting zelf indienen.
- De jaarrekening van een eenmanszaak of VOF zelf opstellen. Die hoeft niet gedeponeerd en
hoeft niet gecontroleerd.
Wat je hoe dan ook zelf blijft:
- Verantwoordelijk. Een adviseur inschakelen verplaatst de aansprakelijkheid tegenover de
Belastingdienst niet. Jij tekent, jij bent belastingplichtig, jij draagt het risico van een
onjuiste aangifte.
- Administratieplichtig op grond van artikel 52 AWR.
Waar je een adviseur echt nodig hebt:
- Dani Jay BV. Een BV moet aangifte vennootschapsbelasting doen en de jaarrekening
deponeren bij de KvK. Dat kan technisch zelf, maar de fouten zijn duur.
- Structuurkeuzes. Inbreng in een BV, de VOF-winstverdeling zakelijk onderbouwen, de
leningsovereenkomst met je eigen BV, de Spaanse vastgoedsituatie. Dit is precies het werk
waar je nu ± € 27.000 per jaar aan Van Maarseveen betaalt.
Mijn advies over het model. Ga het routinewerk zelf doen (btw, kasboek, bankmutaties,
inkoopfacturen) en koop controle en advies in, niet uitvoering. Dat is exact de knip die
je hoort te maken: de boekhouding is voorspelbaar en herhalend, het advies niet. Een jaarlijkse
review van je cijfers plus advies op de grote keuzes kost een fractie van € 27.000.
Wat je dan zelf sluitend moet hebben:
1. Een kassasysteem dat 9% en 21% correct splitst (zie punt 19).
2. Een urenregistratie die het urencriterium onderbouwt (zie punt 5).
3. Een scherpe scheiding privé/zakelijk. In je bankafschriften 2026 staan posten
(Spanje € 7.262, Transavia € 2.172, Coolblue € 2.594) die zonder onderbouwing niet in de
zaak horen. Dit soort posten is bij een controle het eerste waar naar gekeken wordt.
4. Een investeringsregister met per bedrijfsmiddel: datum verplichting, bedrag, betaald bedrag,
datum ingebruikname, KIA-percentage. Dat heb je nodig voor de KIA én voor de
desinvesteringsbijtelling in de vijf jaar erna.
Deze onderwerpen raken je direct en stonden niet in het rapport. Elk met wetsartikel.
Artikel 3.53 lid 1 Wet IB 2001:
"Bij het bepalen van de in een kalenderjaar genoten winst kan worden gereserveerd:
a. tot gelijkmatige verdeling van kosten en lasten (egalisatiereserve)"
Wat dit voor jou betekent. Kosten die pas over een paar jaar komen maar die hun oorsprong
nu al hebben — een salonverbouwing, groot onderhoud aan de installatie, vervanging van de
stoelen — mag je gespreid ten laste van de winst brengen vóórdat je ze betaalt. Bij een
marginaal tarief van 50,4% is dat een directe knop. Voorwaarde: de kosten moeten toerekenbaar
zijn aan de jaren waarin je reserveert, en er moet een redelijke mate van zekerheid zijn dat
ze komen. Leg de onderbouwing vast (offerte, onderhoudsplan).
Dit is iets anders dan investeren: een investering activeer je en schrijf je af (met KIA),
een egalisatiereserve gaat over kosten.
Artikel 3.54 lid 1 Wet IB 2001: verkoop je een bedrijfsmiddel voor meer dan de boekwaarde,
dan mag je het verschil reserveren "tot vermindering van de in aanmerking te nemen
aanschaffings- of voortbrengingskosten van bedrijfsmiddelen die in het jaar van vervreemding
of in de daarop volgende drie jaren worden aangeschaft of voortgebracht, indien en zolang het
voornemen tot herinvestering van de opbrengst bestaat".
Wat dit voor jou betekent. Verkoop je saloninventaris of de zakelijke auto met boekwinst,
dan hoef je daar niet meteen 50,4% over af te rekenen — mits je binnen drie jaar
herinvesteert en dat voornemen ook echt hebt. Dit loopt vaak samen met de
desinvesteringsbijtelling uit punt 6: dat zijn twee verschillende dingen die tegelijk
kunnen spelen. De desinvesteringsbijtelling neemt de KIA terug; de herinvesteringsreserve
stelt de belasting over de boekwinst uit.
Bron: artikelen 3.53 en 3.54 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Artikel 3.15 lid 1 Wet IB 2001:
"Bij het bepalen van de winst komen, onverminderd artikel 3.14, tot een bedrag van
€ 5.700 niet in aftrek kosten en lasten die verband houden met de volgende posten:
a. voedsel, drank en genotmiddelen; b. representatie, daaronder begrepen recepties,
feestelijke bijeenkomsten en vermaak en c. congressen, seminars, symposia, excursies,
studiereizen en dergelijke."
Lid 2 voegt toe: "Onder de in het eerste lid bedoelde posten worden mede verstaan de
desbetreffende reizen en het desbetreffende verblijf."
Er is een alternatief. Lid 5: kies je daarvoor bij de aangifte, dan komen deze kosten
"voor 80% in aftrek" en vervalt de drempel van € 5.700. Bij hoge gemengde kosten is dat
gunstiger; reken beide varianten door.
Wat dit voor jou betekent — en dit is direct relevant. In je bankafschriften 2026 staan
Transavia (€ 2.172) en de Spanje-betaling (€ 7.262). Als daar reizen, verblijf of
representatie in zit, dan is dat precies het artikel waarop die posten sneuvelen: de eerste
€ 5.700 is sowieso niet aftrekbaar. Dat is bovenop de vraag of ze überhaupt zakelijk zijn.
Bron: artikel 3.15 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Twee kanten van dezelfde vraag: rijd je zakelijk in een auto van de zaak, of privé?
Auto van de zaak — artikel 3.20 lid 1 Wet IB 2001:
"Indien aan de belastingplichtige ook voor privédoeleinden een auto ter beschikking staat,
wordt op jaarbasis ten minste: a. 22% van de waarde van de auto als onttrekking in
aanmerking genomen indien de auto niet meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik
is genomen; b. 35% … indien de auto meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik
is genomen. De auto wordt in ieder geval geacht ook voor privédoeleinden ter beschikking te
staan tenzij blijkt dat de auto op jaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor
privédoeleinden wordt gebruikt."
Voor een volledig elektrische auto verlaagt lid 2 de onttrekking met 4% van de waarde,
maximaal € 1.200.
Let op het woord "blijkt": de bewijslast ligt volledig bij jou. Een sluitende rittenregistratie
is de enige manier om onder de bijtelling uit te komen.
Privéauto zakelijk gebruiken — artikel 3.17 lid 1 onderdeel b: je mag aftrekken
"€ 0,23 per kilometer".
Wat dit voor jou betekent. Je hebt twee vestigingen, Rijswijk en Wateringen. Er wordt dus
zakelijk gereden. Dit stond in het hele eerste rapport nergens, terwijl het bij een controle
standaard aan de orde komt. Kies bewust: auto van de zaak met bijtelling, of privéauto met
€ 0,23 per kilometer. Houd in beide gevallen een kilometeradministratie bij.
Bron: artikelen 3.17 en 3.20 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Dit is een voor de hand liggende denkfout, en het rapport zei er eerst niets over.
Wat dit voor jou betekent. Rijswijk en je aandeel in de VOF Wateringen tellen voor het
urencriterium bij elkaar op — dat is gunstig. Maar je krijgt de zelfstandigenaftrek één
keer, niet twee keer. Datzelfde geldt voor de meewerkaftrek en de startersaftrek: de
ondernemersaftrek is één bedrag over je gezamenlijke ondernemingen.
De KIA werkt juist andersom: die wordt per onderneming berekend (art. 3.41 lid 1), dus
Rijswijk en Wateringen hebben elk hun eigen staffel. Zie punt 6.
Bron: artikelen 3.6 en 3.75 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Artikel 6.39 lid 1 Wet IB 2001: andere giften tellen mee "voor zover zij samen zowel € 60
als 1% van het verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek te boven
gaan, en vervolgens tot ten hoogste 10% van het verzamelinkomen".
Wat dit voor jou betekent. Bij een verzamelinkomen van € 105.895 is de drempel
€ 1.059 en het plafond € 10.590. Belangrijker: de giftenaftrek is persoonsgebonden aftrek en
staat daarmee in artikel 2.10 lid 3 onderdeel e — dus wél onder de 11,94%-aftrekrem. Een
gift is bij jou 37,56% waard, niet 49,5%. Precies het soort verwachting dat elders in dit
rapport wordt gecorrigeerd.
Bron: artikel 6.39 Wet IB 2001, 1-1-2026.
Vooraf, en dit is belangrijk. Het Belastingplan 2027 wordt pas op 15 september 2026
gepubliceerd. Alles hieronder is een tussenstand. Het kabinet-Jetten (D66, VVD, CDA) is
bovendien een minderheidskabinet met 66 van de 150 zetels — het parlement kan dus veel
veranderen.
Op 10-11 juni 2026 stuurde het kabinet een bijlage "Voorlopige inhoud pakket en wetsvoorstel
Belastingplan 2027" naar de Kamer, ten behoeve van de uitvoeringstoetsen. Het pakket bestaat
voorlopig uit vier wetsvoorstellen: Belastingplan 2027, Overige Fiscale Maatregelen 2027,
Wetsvoorstel veiligehavenregels Wet minimumbelasting 2024, en Wetsvoorstel Wet fiscale
stimulering startups en scale-ups.
Bronstatus — lees dit voordat je iets uit dit deel overneemt. Het officiële PDF op
open.overheid.nl is bereikbaar (HTTP 200, 9 pagina's, auteur T.C.A. Kruis, FIN-DGFZ), maar
de tekstlaag van deel I en II is niet uitleesbaar. Alleen de kopregels en de tabel van
deel III (Europese trajecten) komen eruit. Zoeken op "investeringsaftrek", "reiskosten",
"startersaftrek" of "tabelcorrectiefactor" levert nul treffers op in de uitleesbare tekst.
De maatregelen hieronder komen daarom feitelijk uit Taxence, een vakmedium dat het
document wél heeft kunnen lezen. Het officiële PDF is de onderliggende bron, maar ik heb
de inhoud er niet zelf uit kunnen verifiëren. Dit is bevestigd in een onafhankelijke
controle die dezelfde poging deed.
Bronnen: Taxence, Voorlopige inhoud Belastingplan 2027 (11-6-2026) — feitelijke bron voor de inhoud;
open.overheid.nl, Bijlage 1 Voorlopige inhoud pakket Belastingplan 2027 (juni 2026) — onderliggend document, inhoud niet uitleesbaar.
Het kabinet zegt er zelf bij: "Over het definitieve uitvoeringsoordeel wordt uw Kamer via de
uitvoeringstoetsen op Prinsjesdag geïnformeerd."
| Maatregel | Status | Wat het voor jou betekent |
|---|---|---|
| EIA omhoog van 40% naar 45,5% per 1-1-2027 | Voorlopig kabinetsvoornemen | Als je een warmtepomp of zonnepanelen overweegt: uitstellen tot 2027 levert 5,5 procentpunt extra aftrek op. Bij € 25.000 investering is dat € 1.375 extra aftrek, circa € 690 netto. Weeg dat af tegen een jaar langer wachten. Let op: de Energielijst 2026 bevat zelf een hoofdstuk "Voorstel voor de Energielijst 2027", wat erop wijst dat de EIA in 2027 als aparte regeling blijft bestaan ondanks het samenvoegingsvoornemen. |
| Beperkte toepassing tabelcorrectiefactor in 2027 én 2028 | Voorlopige inhoud Belastingplan 2027 (niet alleen coalitieakkoord) | De schijfgrenzen worden minder dan volledig geïndexeerd. Bij gelijke winst schuif je sneller de 49,5%-schijf in. Je effectieve druk stijgt zonder dat je meer verdient. |
| Onbelaste reiskostenvergoeding van € 0,23 naar € 0,25/km, terugwerkend tot 1-1-2026 | Voorlopig kabinetsvoornemen | Dit gaat over de loonsfeer (vergoeding aan werknemers). Gunstig voor je personeel en je loonadministratie. Of het ondernemersforfait meegaat, staat niet in de bron. Zie de waarschuwing onder deze tabel. |
| Startersaftrek verlaagd per 2027, afgeschaft per 2028 | Voorlopig kabinetsvoornemen | Niet van toepassing op jou. |
| Zelfstandigenaftrek 2027 = € 900 | Bedrag bevestigd door Ondernemersplein; of het al in een aangenomen wet staat, heb ik niet geverifieerd | Geen nieuw voorstel in het pakket 2027. Artikel 3.76 lid 2 in de tekst geldig 1-1-2026 noemt alleen € 1.200. |
| MKB-winstvrijstelling | Niet genoemd in het juni-overzicht | Geen aangekondigde wijziging. Dat is géén garantie dat 12,7% blijft. |
| Btw 9% voor kappers | Niet genoemd | Geen aangekondigde wijziging gevonden. (In een eerdere versie schreef ik dat de enige btw-verhoging sierteelt betreft; dat heb ik niet in een geopende bron kunnen bevestigen en laat ik daarom als onbevestigd staan.) |
| Box 3-novelle | Wordt op Prinsjesdag aangeboden | Zie hieronder. |
| Vennootschapsbelasting | Coalitieakkoord: geen verhoging | Relevant als je de BV-route overweegt. |
| EIA, MIA en VAMIL samenvoegen tot één investeringsregeling | Coalitieakkoord, "waar mogelijk" | Op termijn; nog geen wetsvoorstel. |
Waarschuwing bij de reiskosten. De bron spreekt alleen over de onbelaste
reiskostenvergoeding in de loonsfeer. Het forfait voor IB-ondernemers staat in een ander
artikel: art. 3.17 lid 1 onderdeel b Wet IB 2001, dat op 1-1-2026 letterlijk zegt "tot het
privé-vermogen van de belastingplichtige behorend of door hem in privé gehuurd vervoermiddel:
€ 0,23 per kilometer". Of dat bedrag meegaat naar € 0,25, staat niet in de bron die
ik heb geopend. In een eerdere versie van dit rapport stond dat wel; dat was een toevoeging
die de bron niet draagt. Ga voorlopig uit van € 0,23 voor je eigen kilometers en check dit
na Prinsjesdag.
Bronnen: Taxence (11-6-2026), zie hierboven; artikel 3.17 Wet IB 2001, 1-1-2026;
BDO, Fiscale maatregelen in regeerakkoord D66, VVD en CDA (30-1-2026) — niet onafhankelijk geverifieerd.
De Eerste Kamer heeft de stemming over de Wet werkelijk rendement box 3 eind juni/begin juli
2026 uitgesteld in afwachting van een novelle. Die novelle wordt op Prinsjesdag aan de Tweede
Kamer aangeboden. Behandeling in de Eerste Kamer wordt pas in januari 2027 verwacht.
Mogelijke inhoud van de novelle (nog niet besloten, genoemd in vakpublicaties): verlaging
van het tarief van 36% naar 35%, verhoging van het heffingvrij vermogen, eenmalige
verliesverrekening achterwaarts, vrijstelling voor groene beleggingen.
VVD en CDA — coalitiepartijen — overwegen tegen te stemmen. Bij verwerping ontstaat een gat van
circa € 2,4 miljard.
Bronnen: SRA (1-7-2026);
Accountancy Vanmorgen (27-8-2026);
Eerste Kamer, dossier 36.748.
Dit is onzeker. Reken er niet op dat je vanaf 2028 op werkelijk rendement wordt belast.
Het wetsvoorstel "Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief"
(36.783) is op 21 april 2026 aangenomen door de Tweede Kamer (143 voor, 7 tegen) en op
23 april naar de Eerste Kamer gestuurd. Het introduceert een rechtsvermoeden van
arbeidsovereenkomst onder een bepaald uurtarief.
Bron: Tweede Kamer, wetsvoorstel 36783.
Onzeker: de exacte tariefdrempel (rond € 36-38 per uur volgens niet-geverifieerde bronnen)
en of de Eerste Kamer het al heeft aangenomen. De afbakening zelfstandige/werknemer is uit dit
voorstel gehaald en komt terug in een aparte Zelfstandigenwet; de status daarvan na de
gesloten internetconsultatie (juni 2025) heb ik niet kunnen vaststellen.
Wat dit voor jou betekent. Werk je in Rijswijk of Wateringen met zzp-stylisten of
stoelverhuur, dan is dit hét onderwerp om na Prinsjesdag te volgen. Een herkwalificatie naar
dienstbetrekking betekent naheffing loonheffingen over meerdere jaren.
Gepresenteerd op 27 maart 2026. De pagina's die ik heb geopend bevatten een beeld op
hoofdlijnen (defensie, stikstof, woningmarkt, vergrijzing) maar geen concrete fiscale
maatregelen voor IB-ondernemers.
Bronnen: Rijksoverheid, Kabinet presenteert eerste Voorjaarsnota (27-3-2026);
Rijksoverheid, Voorjaarsnota 2026 (27-3-2026).
Een wekelijks script dat signaleert wanneer er iets verandert in de belastingwetgeving die
jou raakt, en dat één bericht per week stuurt.
Alle onderstaande feeds zijn daadwerkelijk aangeroepen. Waar "werkt" staat, kwam er echte XML
of JSON terug.
| Bron | URL | Feed / API | Getest |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer open data | https://opendata.tweedekamer.nl/ | https://gegevensmagazijn.tweedekamer.nl/OData/v4/2.0/ (bv. .../Kamerstukdossier?$top=1) |
HTTP 200, application/json, echte data. Geen registratie nodig. |
| Belastingdienst nieuws ondernemers | https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/ondernemers/ondernemers | https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/berichten/nieuws/rss/nieuwsfeed_actueel_zakelijk.xml |
HTTP 200, application/xml, geldige RSS 2.0 met items |
| Officiële bekendmakingen (Staatsblad, Staatscourant) | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ | SRU 2.0: https://repository.overheid.nl/sru?version=2.0&operation=searchRetrieve&query=... |
HTTP 200, application/xml, geldige searchRetrieveResponse |
| Kennisgroepen Belastingdienst | https://kennisgroepen.belastingdienst.nl/ | https://kennisgroepen.belastingdienst.nl/feed/ |
HTTP 200, application/rss+xml, 10 items |
| Internetconsultatie | https://www.internetconsultatie.nl/ | https://www.internetconsultatie.nl/rss/feed |
HTTP 200, application/rss+xml, actuele lastBuildDate |
Let op bij de SRU: het oude pad zoek.officielebekendmakingen.nl/sru/Search gaf HTTP 500.
Gebruik repository.overheid.nl/sru.
| Bron | Feed-URL | Getest |
|---|---|---|
| Taxence | https://www.taxence.nl/feed/ |
HTTP 200, application/rss+xml, 10 items met pubDate van vandaag |
| Accountancy Vanmorgen | https://www.accountancyvanmorgen.nl/feed/ |
HTTP 200, application/rss+xml, actueel |
| ANKO (kappersbranche) | https://www.anko.nl/feed/ |
HTTP 200, application/rss+xml, 10 items, pubDate 3-9-2026 |
| ONL voor Ondernemers | https://www.onl.nl/feed/ |
HTTP 200, application/rss+xml, 10 items, actueel |
| Bron | Bevinding |
|---|---|
| Rijksoverheid nieuws | Geen bruikbare RSS meer sinds de redesign. Oude paden (/actueel/nieuws/rss) geven 404. Scrapen van https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws?onderwerp=belastingen is de enige route. |
| open.overheid.nl | Sinds 28-4-2026 staan Kamerstukken hier in plaats van op rijksoverheid.nl. React-app zonder gevonden RSS. Gebruik de Tweede Kamer OData API in plaats hiervan. |
| wetten.overheid.nl | Geen RSS of API voor wijzigingen. Enige methode: stabiele BWBR-URL periodiek downloaden en diffen. Voor jou: https://wetten.overheid.nl/BWBR0011353/ (Wet IB 2001). |
| KvK | Hub https://www.kvk.nl/wetten-en-regels/ werkt (200), maar geen feed. kvk.nl/onderwerp/nieuwe-wetten-en-wetswijzigingen/ gaf HTTP 500 — niet gebruiken. |
| Fiscaal up to Date (futd.nl) | Feed alleen voor betalende abonnees. /feed/ geeft HTML, geen XML. |
| Taxlive | Geen RSS. /nl/rss/ en /nl/feed/ geven 404. |
| NOB (nob.net) | Feed staat in de HTML gedeclareerd maar /feed/ redirect (301) naar de homepage. Niet bruikbaar. |
| Register Belastingadviseurs (rb.nl) | https://rb.nl/feed/ geeft geldige RSS maar 0 items op testmoment. Hercontroleren vóór livegang. |
| SRA (sra.nl) | Geen publieke RSS gevonden. |
| MKB-Nederland (mkb.nl) | Geen RSS. /feed/ geeft 404. |
Eén keer per week: alle bronnen ophalen, dedupliceren, filteren op wat Jamal raakt,
samenvatten, en één Telegram-bericht sturen. Met een harde rem op het aantal API-calls.
~/.claude/scripts/fiscale-radar/
├── radar.py # het script
├── bronnen.json # bronconfiguratie (feeds, type, gewicht)
├── trefwoorden.json # de filterlijst uit 3c
├── gezien.sqlite # dedup-database (hash → eerste keer gezien)
├── radar.log # append-only logbestand
└── laatste-run.json # tijdstempel + telling van de vorige run
~/Library/LaunchAgents/nl.haarvisie.fiscale-radar.plist
# Per bron uit bronnen.json:
# type "rss" -> feedparser.parse(url)
# type "odata" -> requests.get(url, params={...}) # Tweede Kamer
# type "sru" -> requests.get(SRU, params={...}) # officielebekendmakingen
# type "scrape" -> requests.get(url) + BeautifulSoup, CSS-selector uit config
#
# Harde regels:
# - timeout=20 per request
# - max 2 retries met exponential backoff (2s, 8s)
# - User-Agent: "fiscale-radar/1.0 (jamalhaarvisie@gmail.com)"
# - één bron die faalt stopt de run NIET; log de fout en ga door
# - alle requests achter een globale teller: MAX_HTTP_CALLS = 60
Voor de Tweede Kamer OData: filter op Kamerstukdossier met $filter op titelwoorden
(belastingplan, inkomstenbelasting, omzetbelasting) en $orderby=GewijzigdOp desc.
Voor de SRU: query op dt.type=Staatsblad of Staatscourant met een datumfilter op de
afgelopen 8 dagen en een tekstzoekterm.
sleutel = sha256(f"{bron}|{genormaliseerde_url}|{titel.lower().strip()}").hexdigest()
# genormaliseerde_url: querystring en fragment eraf, trailing slash weg
# staat de sleutel in gezien.sqlite -> overslaan
# anders -> opslaan met timestamp en meenemen naar stap 3
# opruimen: verwijder rijen ouder dan 400 dagen
Extra vangnet tegen bijna-duplicaten (dezelfde nieuwsfeit bij Taxence én Accountancy
Vanmorgen): vergelijk de titels binnen één run met difflib.SequenceMatcher; bij ratio > 0,85
houd je alleen de hoogst gerangschikte bron (Tier 1 boven Tier 2).
Zet er een rem op. Accountancy Vanmorgen alleen levert al 90 items per feed. Bij circa
200 items is een alles-met-alles-vergelijking 20.000 paren — nog steeds snel, maar het groeit
kwadratisch. Cap het aantal items dat aan deze vergelijking meedoet op 250, en sla de
vergelijking over voor items die de trefwoorddrempel toch niet halen.
score = 0
for tw in trefwoorden["kritiek"]: # gewicht 10
if tw in tekst_lower: score += 10
for tw in trefwoorden["belangrijk"]: # gewicht 5
if tw in tekst_lower: score += 5
for tw in trefwoorden["context"]: # gewicht 2
if tw in tekst_lower: score += 2
for tw in trefwoorden["uitsluiten"]: # negatief
if tw in tekst_lower: score -= 8
# Tier-bonus ALLEEN als er minstens één "kritiek"-treffer is.
# Anders komt de hele Belastingdienst-feed (17 items/week) er doorheen.
if bron_tier == 1 and heeft_kritiek_treffer: score += 3
DREMPEL = 10
kandidaten = [i for i in items if i.score >= DREMPEL]
kandidaten = sorted(kandidaten, key=lambda i: -i.score)[:MAX_ITEMS] # MAX_ITEMS = 15
Waarom drempel 10 en niet 8. Met drempel 8 plus een onvoorwaardelijke tier-bonus van 3
haalt één enkel "belangrijk"-woord (5 punten) de drempel al. De Belastingdienst-feed alleen
al levert 17 items per week; die zouden er bijna allemaal doorheen komen. Dan krijgt Jamal
10-15 items per week in plaats van de beoogde maximaal 5, en leest hij het bericht na drie
weken niet meer. Draai de radar één keer droog voordat de LaunchAgent aangaat, en stel de
drempel bij op wat er daadwerkelijk uitkomt.
Deze filtering gebeurt lokaal, zonder AI. Dat is de belangrijkste rem: het model ziet
alleen wat door de trefwoordenzeef komt.
MAX_LLM_CALLS_PER_RUN = 3 # harde cap, niet configureerbaar op de commandline
MAX_INPUT_CHARS = 24000 # per call
MAX_CHARS_PER_ITEM = 1500 # kap ELK item af, niet alleen de batch:
# een enkele SRU-publicatie kan de hele batch opvreten
# Alle kandidaten worden gebundeld in maximaal 3 batches.
# Bij 0 kandidaten: GEEN LLM-call, en geen bericht (zie stap 5).
Prompt per batch:
Je bent de fiscale radar van Jamal Benmessaoud. Hij heeft een eenmanszaak (kapsalon, 3 FTE,
winst ± €100.000), een 50%-aandeel in een VOF met zijn echtgenote, een eigen BV en 25% in een
andere BV. Hij bezit vastgoed in Spanje.Hieronder staan nieuwsberichten en publicaties van de afgelopen week. Beoordeel per bericht:
raakt dit hem, en zo ja hoe?Regels: gebruik ALLEEN wat er in de tekst staat. Verzin geen bedragen, percentages of data.
Weet je het niet, schrijf "onduidelijk". Nederlands, korte zinnen.Geef per relevant bericht maximaal 3 regels:
1. Wat er verandert (één zin)
2. Wat het voor Jamal betekent (één zin)
3. Actie: NU / VOOR 31-12 / LATER / ALLEEN WETENLaat berichten die hem niet raken helemaal weg. Geef maximaal 5 berichten terug.
Model: Sonnet is genoeg (het is samenvatten van aangeleverde tekst, geen redenering).
Bij een fout in de API-call: log de fout en val terug op een kale lijst met titels en links
zonder samenvatting. Nooit stilvallen.
# Rem op verzenden:
# - maximaal 1 bericht per kalenderweek (check laatste-run.json)
# - bij 0 relevante items: GEEN bericht (stilte is een geldig resultaat)
# - bericht wordt genummerd via ~/.claude/scripts/telegram-nummer.py volgende
# - maximaal 4000 tekens; daarboven afkappen met "... (n items niet getoond)"
Berichtformaat:
#<nummer> — Fiscale radar week <ww>
<n> dingen die je raken:
1. <wat er verandert>
<wat het voor jou betekent>
Actie: VOOR 31-12
<kale link met spatie erna>
2. ...
Bronnen gecheckt: <x> van <y>. Fouten: <lijst of "geen">.
~/Library/LaunchAgents/nl.haarvisie.fiscale-radar.plist, elke maandag 08:00:
<key>StartCalendarInterval</key>
<dict>
<key>Weekday</key><integer>1</integer>
<key>Hour</key><integer>8</integer>
<key>Minute</key><integer>0</integer>
</dict>
<key>StandardOutPath</key>
<string>/Users/macbookjamal/.claude/scripts/fiscale-radar/radar.log</string>
<key>StandardErrorPath</key>
<string>/Users/macbookjamal/.claude/scripts/fiscale-radar/radar.log</string>
| Rem | Waarde | Waarom |
|---|---|---|
MAX_HTTP_CALLS |
60 per run | Voorkomt dat een lus in de paginering de bronnen bestookt |
MAX_LLM_CALLS_PER_RUN |
3 | Harde kostenrem; niet te overrulen |
MAX_INPUT_CHARS |
24.000 per call | Voorkomt dat één lange publicatie de kosten opblaast |
MAX_ITEMS |
15 kandidaten | Filtering gebeurt lokaal, niet bij het model |
| 1 bericht per kalenderweek | hard | Geen ping-pong, geen ruis |
| 0 items = 0 berichten | hard | Stilte is een geldig resultaat |
| timeout 20s, 2 retries | per request | Eén trage bron blokkeert de run niet |
| Bij LLM-fout: kale titellijst | fallback | Het script meldt altijd iets, of het meldt niets — het hangt nooit |
Los van de nieuwsfeeds, één keer per maand:
WETTEN = {
"Wet IB 2001": "https://wetten.overheid.nl/BWBR0011353/",
"Wet LB 1964": "https://wetten.overheid.nl/BWBR0002471/",
"Wet OB 1968": "https://wetten.overheid.nl/BWBR0002629/",
"Wet VPB 1969": "https://wetten.overheid.nl/BWBR0002672/",
}
# Download de printversie (/<datum>/0/afdrukken), strip HTML, en hash PER ARTIKEL
# (niet per document) voor de artikelen op de watchlist:
WATCHLIST = ["2.10","2.12","2.13","3.6","3.15","3.16","3.17","3.20","3.41","3.42",
"3.44","3.46","3.47","3.53","3.54","3.76","3.78","3.79a","3.99b","3.127",
"8.10","8.11"]
# Verandert een artikel-hash -> meld dat ene artikel, met oude en nieuwe tekst naast elkaar.
Twee valkuilen bij deze wachter:
/BWBR0011353/) geeft de€ 1.234 door € X) om te zien of er een inhoudelijke wijziging is, en meld hetDit vangt wijzigingen die géén nieuwsbericht opleveren. Dat is precies het soort ding dat je
anders mist.
{
"kritiek": [
"zelfstandigenaftrek", "mkb-winstvrijstelling", "mkb winstvrijstelling",
"urencriterium", "ondernemersaftrek",
"kleinschaligheidsinvesteringsaftrek", "investeringsaftrek", "KIA",
"desinvesteringsbijtelling", "willekeurige afschrijving",
"jaarruimte", "reserveringsruimte", "lijfrente", "oudedagsreserve",
"herinvesteringsreserve", "kostenegalisatiereserve", "egalisatiereserve",
"tariefsaanpassing", "aftrekrem", "factor A",
"meewerkaftrek", "man-vrouwfirma", "samenwerkingsverband",
"gebruikelijk loon", "gebruikelijkloonregeling",
"box 2", "aanmerkelijk belang", "vennootschapsbelasting",
"eenmanszaak", "vennootschap onder firma", "IB-ondernemer",
"btw-tarief", "verlaagd btw-tarief", "9%-tarief", "kappers",
"tabelcorrectiefactor", "schijfgrens", "arbeidskorting",
"algemene heffingskorting"
],
"belangrijk": [
"box 3", "werkelijk rendement", "heffingsvrij vermogen", "forfaitair rendement",
"energie-investeringsaftrek", "EIA", "milieu-investeringsaftrek", "MIA", "VAMIL",
"Energielijst", "Milieulijst",
"terbeschikkingstelling", "TBS", "onzakelijke lening", "verkapt dividend",
"schijnzelfstandigheid", "rechtsvermoeden", "Zelfstandigenwet", "Wet DBA",
"ZVW-bijdrage", "zorgverzekeringswet", "bijdrage-inkomen",
"bewaarplicht", "administratieplicht",
"bijtelling", "privégebruik auto", "reiskostenvergoeding", "kilometervergoeding",
"gemengde kosten", "beperkt aftrekbare kosten", "giftenaftrek",
"Belastingplan", "Prinsjesdag", "Voorjaarsnota", "Miljoenennota",
"loonheffing", "werkkostenregeling", "WKR",
"stakingswinst", "staken onderneming", "geruisloze inbreng", "bedrijfsopvolging"
],
"context": [
"kapsalon", "kapper", "ANKO", "cao kappersbedrijf", "BPF Kappersbedrijf",
"detailhandel", "dienstverlening", "MKB", "kleine ondernemer",
"Spanje", "buitenlands vastgoed", "tweede woning",
"belastingverdrag", "voorkoming dubbele belasting",
"pensioen zelfstandigen", "Wet toekomst pensioenen",
"minimumloon", "loonkosten", "premies werknemersverzekeringen",
"aangifte inkomstenbelasting", "voorlopige aanslag", "navordering",
"boekhouding", "kassasysteem", "kassaregister"
],
"uitsluiten": [
"landbouw", "agrarisch", "glastuinbouw", "sierteelt", "visserij",
"zeescheepvaart", "tonnageregeling",
"energiebelasting grootverbruik", "kolenbelasting",
"kansspelbelasting", "accijns tabak", "accijns alcohol",
"Caribisch Nederland", "BES-eilanden",
"innovatiebox", "WBSO", "S&O-verklaring",
"minimumbelasting", "Pillar 2", "multinational",
"gemeentelijke belastingen", "waterschapsbelasting", "hondenbelasting"
]
}
Waarom deze lijst zo is opgebouwd. De "kritiek"-woorden zijn de knoppen waar Jamal
daadwerkelijk aan draait. De "uitsluiten"-lijst is even belangrijk: zonder die lijst loopt de
radar vol met agrarisch en internationaal fiscaal nieuws dat niets met een kapsalon te maken
heeft, en dan lees je hem na drie weken niet meer.
Onderhoud. Zet één keer per jaar (januari) de trefwoordenlijst opnieuw langs de dan
geldende situatie. Wordt Jamal DGA van een BV, dan verschuiven "gebruikelijk loon" en "box 2"
naar de kern en verdwijnt "urencriterium".
| # | Actie | Wanneer | Wat het oplevert |
|---|---|---|---|
| 1 | Zoek uit of middeling 2022-2023-2024 nog kan en tot wanneer | deze week | eenmalige teruggaaf; enige actie met een harde vervaldatum die ik niet kon vaststellen |
| 2 | Laat je jaarruimte + reserveringsruimte exact berekenen met het rekenhulpmiddel van de Belastingdienst en je cijfers 2025 | deze maand | tot € 78.342 ruimte; de eerste ± € 44.000 is 49,5-55,9% waard |
| 3 | Beslis over lijfrente-inleg 2026 — en check eerst of je de cash hebt | vóór 31-12 | € 25.000 inleg: € 12.375 minder belasting · volle jaarruimte € 35.589: € 18.136 |
| 4 | Splits je btw op extensions: haar 21%, aanbrengen 9% | direct | voorkomt naheffing over meerdere jaren |
| 5 | Teken de investeringsopdracht én betaal vóór 31-12 — en neem pas in gebruik als je betaald hebt (art. 3.44 lid 1) | Q4 | KIA 28% op € 20.000 = € 5.600 aftrek |
| 6 | Warmtepomp of zonnepanelen? Meld bij RVO binnen 3 maanden na tekenen — of stel uit tot 2027 voor 45,5% EIA | Q4 / Q1 2027 | 40% (2026) of 45,5% (2027) extra aftrek |
| 7 | Leg de lening van Dani Jay BV vast: rente, aflossing, looptijd, zekerheid | dit kwartaal | voorkomt herkwalificatie als dividend (± € 9.800) |
| 8 | Breng de VOF-winstverdeling op één lijn: akte, jaarrekening, kapitaalrekeningen, aangifte | vóór 1-1-2027 | haalt het grootste controlerisico weg |
| 9 | Beoordeel Transavia (€ 2.172) en Spanje (€ 7.262) tegen art. 3.15: gemengde kosten, eerste € 5.700 niet aftrekbaar | dit kwartaal | voorkomt een correctie bij controle |
| 10 | Kies bewust: auto van de zaak (22% bijtelling) of privéauto (€ 0,23/km) — en houd een rittenregistratie bij | dit kwartaal | standaard controlepunt bij twee vestigingen |
| 11 | Check je aanslagen op een beschikking niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek | dit kwartaal | gratis, verrekenbaar over negen jaar |
| 12 | Zet een urenregistratie op — let op: 1.225 uur geldt over Rijswijk én Wateringen samen | vanaf nu | onderbouwt urencriterium en meewerkaftrek |
| 13 | Zet de fiscale radar op (Deel 3), en draai hem eerst één keer droog | oktober | je mist geen wetswijziging meer |
| 14 | Wacht met de BV-beslissing tot Q1 2027, met de cijfers 2026 en het Belastingplan 2027 op tafel | Q1 2027 | op jouw winstniveau levert een BV nu géén netto voordeel op |
Alle onderstaande pagina's zijn op 8 september 2026 daadwerkelijk geopend en gelezen.
Dit is de eerlijke lijst. Vraag deze punten na bij je adviseur of laat ze opnieuw uitzoeken.